Juridische vragen en antwoorden #1 – 2026

05-01-2026

Heb je nood aan een juridisch antwoord op maat? Dit is gratis voor leden van NETWERK VERPLEEGKUNDE. Je stelt je vraag eenvoudigweg via juridisch.advies@netwerkverpleegkunde.be en de juridische adviesgroep NETWERK VERPLEEGKUNDE gaat voor jou op zoek naar het antwoord.

Mogen ADL-helpers het dossier van een patiënt inkijken?

“Mag een ADL-helper medische diagnoses inkijken en wie draagt de aansprakelijkheid als dat gebeurt: de ADL-helper, degene de toegang verleende of de werkgever?”

Antwoord:

Volgens de WUG is een ADL-helper geen gezondheidszorgbeoefenaar en heeft die daarom geen toegang tot het patiëntendossier. Dat heeft een ADL-helper voor zijn taken ook niet nodig. De GDPR geldt enkel wanneer er geen specifieke wetgeving bestaat, maar de Kwaliteitswet bepaalt dat enkel gezondheidszorgbeoefenaars toegang hebben tot medische gegevens. De enige uitzondering is wanneer de patiënt de ADL-helper formeel aanstelt als vertrouwenspersoon volgens de wet patiëntenrechten. Elke andere vorm van inzage door een niet-bevoegde is een schending van het beroepsgeheim.

Wie deze toegang mogelijk maakt – zorgprofessional, leidinggevende of zelfs ICT-medewerker – is persoonlijk strafrechtelijk aansprakelijk, net als wie een niet-bevoegde toelaat tot verpleegkundige handelingen (WUG art.124). Slechts in burgerlijke zaken kan de werkgever aansprakelijk worden gesteld. Een woonzorgcentrum kan naast het patiëntendossier wel een apart, beperkt register bijhouden waarin enkel uitgevoerde ADL-handelingen worden genoteerd.

Welke BBT heb je nodig om op oncologie te werken?

“Is voor werk op een oncologieafdeling een specifieke bijzondere beroepstitel vereist? Hoe verhouden postgraduaten van 20 of 60 studiepunten zich daartoe? Bestaat er een vorm van gelijkstelling voor verpleegkundigen met jarenlange ervaring op oncologie?”

Antwoord:

Het KB van 23 oktober 1964 verplicht geen minimaal aantal verpleegkundigen met een BBT oncologie op een oncologiedienst, al moet de hoofd- of verantwoordelijke verpleegkundige die titel wel hebben. Chemotherapie en immunotherapie zijn C-handelingen die zowel bachelor- als HBO5-verpleegkundigen mogen uitvoeren, op voorwaarde dat ze de nodige competenties hebben. In erkende zorgprogramma’s oncologie bepaalt het KB van 21 maart 2003 dat chemotherapie moet worden toegediend door of onder toezicht van een verpleegkundige met een BBT oncologie. De vroegere gelijkstelling voor verpleegkundigen met vijf jaar ervaring stopte in 2008. Vandaag moet dus minstens één verpleegkundige met BBT oncologie (of in opleiding) aanwezig zijn voor cytostatica-toediening. Anderen kunnen wel algemene zorgtaken uitvoeren. De BBT zelf vereist een opleiding van 450 uur theorie en 450 uur stage, zonder uitzonderingen. Deelattesten of postgraduaten van 5 of 20 studiepunten zijn onvoldoende: enkel de volledige opleiding leidt tot de wettelijk erkende BBT.