“Zorg kan niet enkel door professionals geboden worden”
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Hilde Rombauts (63 jaar) is begeleidingsverpleegkundige in het UZ Leuven, coördinator van de opleiding Geestelijke gezondheid bij kinderen en jongeren aan UCLL en voorzitter van de werkgroep Begeleidingsverpleegkundigen.
Waarom ben je verpleegkundige geworden?
Eigenlijk was dat de droom van mijn moeder. Zorg dragen voor mensen en bezig zijn met kinderen, daar ben ik als vanzelf ingerold. Pas achteraf besefte ik dat mijn moeder de kans niet had om te studeren en graag verpleegkundige was geworden. Zelf ging ze aan de slag in familiehulp en ik maakte haar droom waar. Dat is een mooie gedachte en relativeert het belang van individuele keuze.
Wat boeit je in je job?
Onze job is zo veelzijdig. Tijdens je loopbaan heb je heel veel kansen om je in te graven in iets wat je interessant vindt of om verschillende functies als verpleegkundige op te nemen. Zo heb ik als hoofdverpleegkundige in kinderpsychiatrie gewerkt, ben ik nu begeleidingsverpleegkundige en werk ik aan de UCLL als coördinator van een postgraduaat in de opleiding verpleegkunde.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Deskundigheid. De gedrevenheid om voldoende kennis te hebben om je als een volwaardige en deskundige gesprekspartner op te stellen in het team. En om het zo op te nemen voor het belang van de patiënt. Als verpleegkundigen komen we uit een heel dienstbare rol en moeten we ons blijven ontvoogden. Ons niet klein houden, maar ons net verder ontwikkelen als een professionele partner, afgestemd op wie ons nodig heeft. Het blijft voor mij een heel zingevend beroep.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
Toen ik met jongeren werkte die al vroeg in moeilijke situaties terechtkwamen, voelde het zo belangrijk om samen met het team een wissel op het spoor van de jongere te kunnen verleggen. Nu ik studenten en starters begeleid, zitten de mooie momenten daar waar ze zichzelf leren kennen en in het werk hun eigen weg vinden. Dat ze groeien tot iemand die het beroep kan opnemen.
Zijn er ook minder fijne momenten?
Wanneer grote gebeurtenissen in je eigen leven samengaan met het werk, kan dat heel uitdagend zijn. Dan moet je balanceren om evenwicht te houden. Een organisatie maakt ook veranderingen door. Als je al op het einde van je loopbaan bent, herken je zo’n veranderingsproces gelukkig al en kan je anticiperen.
Wat zijn de uitdagingen voor vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
Zorg staat in onze maatschappij niet op nummer één. Er kiest een beperkt aantal mensen voor de zorg en dat zal de komende tijd niet drastisch veranderen. We moeten de handen in elkaar slaan, ieder met zijn eigen professionaliteit en identiteit, de krachten bundelen in functie van wat de patiënt nodig heeft. Zorg kan bovendien niet alleen door professionals geboden worden: in onze buurten en families moet die ook opgenomen worden. Die twee tendenzen zullen elkaar moeten vinden om tot goede zorg te komen.
Wat doe je in je vrije tijd?
In ons gezin zijn al kleinkinderen. Ik vind het heel fijn om iedereen te leren kennen en ook voor die kleintjes te zorgen. Ouderschap eindigt ook niet wanneer de kinderen het huis uit zijn, hé. Daarnaast lees ik graag, hou ik van klassieke muziek, ga wandelen en ben ik graag creatief bezig met tekenen en schilderen.
Wil jij ook lid worden van de werkgroepen of Regionale Netwerken van NETWERK VERPLEEGKUNDE? Schrijf je in met een mailtje naar info@netwerkverpleegkunde.be.
"Een oprechte ‘hoe is het’ doet veel"
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Maja Vanbellinghen (29 jaar) is hoofdverpleegkundige binnen de mobiele equipe van revalidatieziekenhuis Inkendaal en lid van de werkgroep Pediatrie.
Waarom ben je verpleegkundige geworden?
Zorg dragen zat er altijd al in. Ik was ook jarenlang lid van het Jeugd Rode Kruis. Na het middelbaar twijfelde ik tussen verpleegkunde en onderwijs. Om die laatste piste te verkennen, trok ik een jaar naar de Filipijnen om les te geven in een weeshuis. Daar kwamen vaak kindjes met verwondingen binnen en ik nam spontaan de eerste zorgen op. Dat maakte veel duidelijk: ik kon als leerkracht iets betekenen, maar niet op het niveau dat ik wou.
Wat boeit je in je job?
In Inkendaal werken we vooral met patiënten die hun leven moeten (her)organiseren door een aangeboren of verworven lichamelijke beperking. Elke dag word je hier herinnerd aan de weerbaarheid van kinderen. Die roze wolk waarop ouders starten, blijkt soms minder rooskleurig te zijn. Net dan kan je als verpleegkundige veel betekenen, voor de patiënt en voor de ouders. We ondersteunen hen, juichen elke kleine overwinning toe en tonen dat anders zijn niet minder is, maar soms zelfs net meer. Samen bouwen we aan de kinderen van morgen.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Luisteren. We vervallen soms te snel in de gedachte ‘ik ben verpleegkundige en ken het allemaal wel’. Terwijl je net het verschil maakt door te luisteren naar kleine, persoonlijke signalen. Een kop koffie binnen handbereik zetten of een oprechte ‘hoe is het’ doet de patiënt vaak meer dan een routinebezoek.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
Bij elke nieuwe patiënt maken we vooraf een inschatting van wat haalbaar is. De mooiste momenten zijn die waarop patiënten aan het einde van de rit alle, inclusief hun eigen, verwachtingen overstijgen en je het geluk op hun gezicht afleest. Die momenten raken mij des te meer omdat ik zelf ook revalidant ben. Het gaat niet alleen om wat je moet kunnen, maar vooral om wat je wil kunnen.
Zijn er ook minder fijne momenten?
Veel patiënten komen binnen in rouw. Ze rouwen nog om wat ze niet meer kunnen. Dat brengt veel vragen, frustraties en verdriet met zich mee. Als verpleegkundige sta je vaak in de vuurlinie van die eerste emoties. Mensen willen blijven vechten voor wat ze belangrijk vinden, en dat maakt sommige momenten bijzonder hard. Elke patiëntmoment heeft iets moois, maar dat neemt niet weg dat het ook hard kan zijn.
Wat zijn de uitdagingen voor vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
Rond de nieuwe functieladder bestaan nog veel onduidelijkheden. Op papier lijkt er verbetering, maar in de praktijk voelt dat vaak nog anders aan. Daarnaast blijven de personeelstekorten wegen. Verpleegkundigen moeten steeds meer doen met minder middelen, terwijl daar niet altijd begrip voor is. Patiënten worden mondiger en stellen, terecht, meer vragen. Als verpleegkundige is dat frustrerend: je wil de beste zorgen bieden, maar krijgt daar niet altijd de tijd of ruimte voor. Hoe krijg je dat uitgelegd aan de patiënt?
Wat doe je in je vrije tijd?
Een groot deel van mijn vrije tijd gaat naar mijn eigen revalidatie. Daarnaast eist mijn hond ook zijn deel op en vind ik ontspanning in muziek. Ik speel klarinet en basklarinet in de lokale harmonie. Maar ook buiten mijn werk vind je mij vaak nog in Inkendaal als vrijwilliger.
“De kracht van echte aanwezigheid”
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Ruth Ieven (32 jaar) is zorgmanager in het Universitair Psychiatrisch Centrum KU Leuven en medevoorzitter van de werkgroep Geestelijke Gezondheidszorg.
Waarom werd je verpleegkundige?
Ik koos niet meteen voor verpleegkunde. Op mijn achttiende startte ik in het conservatorium een theateropleiding. De liefde voor acteren bleef, maar niet als beroep. Verpleegkunde lijkt misschien ver af te staan van theater, maar in beiden werk je met jezelf als instrument: je toont kwetsbaarheid, je luistert, je bent present. Als verpleegkundige begeef je je midden in de dagelijkse realiteit van anderen, waardoor je aanwezig bent op de meest kwetsbare momenten in iemands leven. Dat maakt het werk bijzonder en verrijkend.
Wat boeit je in je job?
De veelzijdigheid van verpleegkundig werk en onze impact op patiënten en teams. Zorginhoud, samenwerking en organisatieontwikkeling lopen in elke functie door elkaar. Als zorgmanager geef ik processen mee vorm, versterk teams en creëer een klimaat waarin veiligheid en kwaliteit vooropstaan. De geestelijke gezondheidszorg blijft me prikkelen: klinische noden, persoonlijke verhalen en maatschappelijke vragen vallen er voortdurend samen. Ik krijg energie van mensen verbinden, en structuur en richting brengen in een domein dat altijd beweegt.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Oprechte nieuwsgierigheid om de mens achter de problematiek te begrijpen, om te blijven bijleren, en om kritisch te kijken naar hoe zorg beter kan. Nieuwsgierigheid leidt tot empathie, kwaliteitsverbetering en een open houding tegenover veranderingen. In de geestelijke gezondheidszorg is dat absoluut essentieel.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
De mooiste momenten schuilen voor mij in de eenvoud van pure ontmoetingen. Naast vakkennis en holistisch, klinisch redeneren blijft vooral de manier waarop je iemand benadert het hart van ons werk. Dat voelde ik nog maar eens toen ik met mijn piepjonge zoontje op pediatrie belandde. De eerste, angstige uren hield ik mezelf overeind als in een soort waas. Tot de nachtverpleegkundige binnenkwam. Ze keek naar mijn baby, zei iets liefs, keek dan naar mij en vroeg hoe het voor míj was om hem zo te zien, vol kabeltjes. Ze benoemde dat dit niet evident moest zijn. Pas op dat moment liet ik mijn tranen toe. Er bestaat vaak een soort angst voor het aanraken van emoties, maar de mooiste zorgmomenten zijn meestal de stilste.
Zijn er ook minder fijne momenten?
Uiteraard. Psychiatrische zorg gaat vaak gepaard met maatschappelijk onbegrip, emotionele belasting en soms met moeilijke of risicovolle situaties. Het is niet altijd eenvoudig om te zien hoeveel draagkracht patiënten en hun omgeving soms verliezen. Daarnaast kan het zwaar zijn om teams te begeleiden bij personeelstekorten, hoge werkdruk of verandertrajecten. Maar net in die moeilijke momenten wordt het belang van goede samenwerking en professionele nabijheid het duidelijkst.
Wat zijn de uitdagingen voor vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
Mensgerichte, kwalitatieve zorg bewaken in een steeds complexere context. Dat vraagt voldoende personeel, sterke verpleegkundige rollen, doorgroeimogelijkheden en erkenning van expertise. In de geestelijke gezondheidszorg komt daar de uitdaging bij om het stigma te doorbreken en zorgtrajecten toegankelijker te maken. We moeten blijven investeren in leiderschap, evidencebased werken en samenwerking over organisaties heen. Verpleegkundigen spelen daarin een cruciale rol.
Wat doe je in je vrije tijd?
Ik ben graag bij mijn gezin, familie en vrienden. Maar ik laad ook op in mijn eentje: wandelend, lezend of met een podcast terwijl ik de livingkast voor de zoveelste keer opruim. Dat ordent mijn hoofd. En blijkbaar is dat niet zo vreemd. Een van die podcasts vertelde me dat ons brein precies zo werkt. Sindsdien durf ik dat ook te beschouwen als vrijetijdsbesteding.
“In elke setting draag je verantwoordelijkheid”
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Matthias Vervaeke (39 jaar) is projecthoofdverpleegkundige bij X-Care en lid van de werkgroep hoofdverpleegkundigen.
Waarom ben je verpleegkundige geworden?
Ik volgde in het middelbaar de richting boekhouden-informatica, maar vanaf het vierde jaar trok verpleegkunde me meer aan. Dus vatte ik na het middelbaar die studies aan. Na mijn laatste stage op spoed en intensieve zorgen kon ik direct aan de slag, maar ik besloot deeltijds te werken en ondertussen mijn Master of Science in het management en het beleid van de gezondheidszorg te behalen. Die opleiding was heel boeiend, want verpleegkunde in het werkveld heeft zo een breed spectrum. Na veertien jaar ziekenhuiservaring koos ik bewust voor de rol van projecthoofdverpleegkundig om alle aspecten van het vak ten volle te beleven.
Wat boeit je in je job?
De uitdaging. Als projecthoofdverpleegkundige kom ik op veel verschillende plaatsen, soms kort, soms langer. Op spoed heb je andere vaardigheden nodig dan in een woonzorgcentrum. De ene keer ligt de klemtoon op technieken en medische handelingen, de andere keer op communicatie en sociaal contact in een ‘thuissetting’. In elke context draag je andere verantwoordelijkheid, dat geeft mij energie. De variatie en de voortdurende ontwikkelingen houden me op scherp.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Empathisch zijn en snel kunnen schakelen. Als projecthoofdverpleegkundige zie je het hele spectrum van verpleegkunde: een bevalling, een overlijden, intensieve en complexe zorgen, stabiele patiënten die meer nood hebben aan sociaal contact, bewoners die niet meer alleen thuis kunnen wonen, communicatie met artsen en families, … Je moet altijd alert zijn en gepast reageren.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
Het verschil maken voor bewoners/patiënten, familieleden en collega’s, dat is zo mooi! Een voorbeeld: in een woonzorgcentrum waar ik als projecthoofdverpleegkundige werkte, trof ik met het team een overleden persoon aan. We probeerden nog te reanimeren, maar tevergeefs. Dat maakte veel indruk op het team en was een wake-upcall om onze technieken scherp te houden. Ik ontwikkelde daarom een flowchart en een reanimatiekoffer, en gaf aan het voltallige personeel een bijscholing reanimatie. Toen ik er een paar jaar nadien terugkwam voor een nieuwe opdracht, raakte het me om te zien dat die tools nog altijd gebruikt worden en het team positief over deze casus en bijscholing te horen vertellen.
Zijn er ook minder fijne momenten?
Als projecthoofdverpleegkundige bouw je vaak in korte tijd mooie relaties op. Diensten zijn blij dat je er bent, want er is meestal een acuut tekort. Maar je moet het ook weer snel achterlaten. Dat afscheid is soms lastig. Tegelijk heb ik zo al veel toffe mensen ontmoet. Dat maakt de job dubbel bijzonder.
Wat zijn de uitdagingen voor vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
Er zijn grote tekorten en daarom is het belangrijk om nieuwe rollen ten volle te benutten. Ook technologie kan helpen, maar iedereen moet ermee overweg kunnen. Jong en oud kunnen op dat vlak van elkaar leren. Er moeten voldoende middelen blijven voor basiszorg. Ook is het niet altijd gemakkelijk om aan de verwachtingen van bewoners/patiënten en families te voldoen. Zorg is geen magie. Onderzoeken kosten tijd, diagnoses zijn er niet altijd de dag nadien. Soms vergeten mensen dat zorg wetenschap is, en geen webshop.
Wat doe je in je vrije tijd?
Na een drukke dag heb ik nood aan ontprikkelen. Even alleen of met vrienden. Daarnaast zet ik mij ook in het weekend in als 112-ambulancier. Dat blijft een discipline waar ik een stukje van mijn hart aan verloor. Ten slotte hou ik van reizen. Ik spaar graag extra uren en vakantiedagen op om er even langer op uit te trekken: skiën, een verre reis, de natuur in of gaan overwinteren in de zon. Zo laad ik mijn batterijen helemaal op.
“Mooi als alle puzzelstukjes in elkaar vallen”
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Greetje Vermeiren (45 jaar) is begeleidingsverpleegkundige in AZ Monica en lid van de werkgroep Begeleidingsverpleegkundigen.
Waarom ben je verpleegkundige geworden?
Ik ben altijd al erg zorgend geweest, maar wist bij mijn afstuderen niet goed wat ik wilde doen. Na een jaar orthopedagogie en een start in de lerarenopleiding, koos ik toch voor verpleegkunde. Ik voelde meteen dat het goed zat, zeker tijdens mijn eerste stage. Het paste echt bij mij. Toen ik mijn laatste stage in het operatiekwartier van AZ Monica afsloot, ben ik daar dan meteen zeventien jaar gebleven. Ik heb een jaar les gegeven in de richting verzorging en de leerlingen daar begeleid tijdens hun stages. Na een passage als leidinggevende in een woonzorgcentrum dichter bij huis, kon ik weer bij AZ Monica terecht als begeleidingsverpleegkundige studenten. Een functie die echt bij me past.
Wat boeit je in je job?
Mijn job is een afwisseling van administratie en een-op-eencontact met studenten: bij hun opstart in het ziekenhuis, de persoonlijke gesprekjes, op jobdagen en beurzen. Ik hou ervan om onze studenten onder mijn vleugels te nemen. Dat geeft me enorm veel voldoening.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Een verpleegkundige met het hart op de juiste plek maakt het verschil.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
Samen met mijn studenten zoek ik de afdeling die het beste bij hen past. Als mijn studenten dan hun weg vinden en eventueel zelfs in het ziekenhuis blijven werken, dan blijft die band. Je voelt ook de appreciatie van zowel de student als de afdeling waar ze terecht komen: zo mooi als de puzzelstukjes in elkaar vallen.
Zijn er ook minder fijne momenten?
Ik haal mijn voldoening uit contact met anderen. Dit vind ik dan ook leuker dan het administratieve gedeelte.
Wat zijn de uitdagingen voor vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
We leven in andere tijden en dat merk je als je veel met jonge mensen samenwerkt. Hun werk is belangrijk, maar ze zijn zich ook bewust dat er meer is in het leven. Dat vind ik op zich een positieve evolutie. Maar binnen de zorg bestaan er nog steeds momenten van werkdruk en personeelstekorten, balans houden tussen zorg en zelfzorg. Dat vind ik soms wat moeilijk: ik wil dat iedereen gelukkig is, maar tegelijk is er die realiteit. Je kan niet iedereen voor alles behoeden. Gelukkig staat mijn fantastische collega ook klaar om nieuwe collega’s te begeleiden. Wanneer je jezelf gelukkig voelt in je job, zal je dit ook doorgeven. Daarom besteden we veel aandacht aan het vinden van het juiste plekje voor elke student en toekomstige verpleegkundige.
Wat doe je in je vrije tijd?
In de eerste plaats en met heel veel liefde mama zijn van mijn puberzoon. Ik heb een aantal pittige uitdagingen op mijn pad gekregen. Daardoor geniet ik vandaag nog meer van de kleine dingen in het leven, zoals tijd doorbrengen met de mensen die ik graag zie.
“Door mijn werk achter de schermen, kunnen zorgverleners zich focussen op de patiënt”
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Gerleen De Greef (29 jaar) is stafmedewerker bij het Wit-Gele Kruis van Vlaanderen en lid van de werkgroepen Hoofdverpleegkundigen en Kinderverpleegkundigen.
Waarom ben je verpleegkundige geworden?
Nadat ik afgestudeerd was als bachelor in de vroedkunde en master in verpleegkunde en vroedkunde, ging ik als hoofdverpleegkundige aan de slag. Ik ontdekte dat het mij niet om moeders en baby’s te doen was: ik had een passie voor zorgen in de brede betekenis. Wat me aantrok in het beroep was mijn fascinatie voor het menselijke lichaam, het sociale aspect van de job en de maatschappelijke meerwaarde die je kan bieden. Ook nu ik niet meer aan het bed van de patiënt sta, is dat wat me blijft drijven.
Wat boeit je in je job?
Als stafmedewerker werk ik samen met collega’s en experten uit de Wit-Gele Kruisverenigingen, voer ik beleidsvoorbereidend studiewerk uit en neem ik deel aan diverse overlegorganen om zo mee te werken aan best practices in de eerste lijn. Ik probeer een geïntegreerd beleid en visie uit te werken en uit te dragen als ambassadeur van onze thuiszorgorganisatie. Daarnaast vind ik het ook heel fijn dat ik mijn creatieve pen mag gebruiken in ons eigen patiëntenmagazine. Kortom, geen enkele werkdag is dezelfde en we maken elke dag het verschil.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Verpleegkundigen moeten creatief en empathisch zijn om tegemoet te komen aan de noden en behoeften van onze patiënten en mantelzorgers. Ze gaan out of the box op zoek naar oplossingen en tonen zich daardoor erg flexibel. Door bepaalde omgevingsfactoren in een thuissituatie worden verpleegkundige teams echte ‘plantrekkers’. En ja, daar mag wat speelse rebellie in zitten om het toch te doen lukken ondanks mogelijke drempels.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
Wanneer een patiënt of een collega je een welgemeende “merci” geeft. Dat zouden we allemaal meer moeten doen, dus bij deze: bedankt aan iedereen waarmee ik al samenwerkte.
Zijn er ook minder fijne momenten?
Ook binnen de verpleegkunde voelen we de uitdagingen van onze maatschappij. Mensen worden ouder (waar we dankbaar voor zijn) maar als ze ziek zijn wordt het vaak complexer dan vroeger. Hun verhalen blijven je raken. We komen in aanraking met rouw en verdriet en het voelt soms oneerlijk voor de patiënt.
Wat zijn de uitdagingen vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
Er zijn minder middelen om grotere problemen aan te pakken. We zoeken uit hoe we de transitie kunnen maken naar een zorg verleend door een gecoördineerd interprofessioneel team, werkzaam in verschillende settings. Om zo een meerwaarde te zijn voor onze patiënt. We zetten hen centraal en streven naar geïntegreerde zorg, zodat zij kunnen focussen op herstel. Door interprofessioneel samen te werken, tonen we ook hoe mooi en creatief ons beroep is. Misschien kunnen we zo ook nieuwe collega’s aantrekken?
Wat doe je in je vrije tijd?
Ook zorgen (lacht). Ik heb een zoontje van anderhalf en een pluszoon van twaalf. Daarnaast hebben mijn partner en ik ook ongeveer 300 studenten onder onze hoede. We wonen met ons gezin namelijk op de campus van de VUB, waar we conciërge zijn in ons gebouw. Naast verloren sleutels, een gedeelde tuin en depanneren bij technische mankementen, luchten studenten geregeld ook hun hart bij ons.
Wil jij ook lid worden van de werkgroepen of Regionale Netwerken van NETWERK VERPLEEGKUNDE? Schrijf je in met een mailtje naar info@netwerkverpleegkunde.be.
“We zijn een compagnon de route”
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Koen Aelvoet (45 jaar) is paramedisch coördinator in De Branding in Kortrijk en lid van de werkgroep Gehandicaptenzorg.
Waarom ben je verpleegkundige geworden?
Ik ben eigenlijk elektromechanieker van opleiding. Al snel besefte ik dat ik niet mijn hele leven met machines wou bezig zijn. Ik wil iets betekenen voor de kwetsbare medemens. Daarom vatte ik mijn studies verpleegkunde aan. Daar heb ik nog geen seconde spijt van gehad. Het klinkt cliché, maar dat gevoel om goed te doen voor een ander is onbetaalbaar.
Wat boeit je in je job?
Geen dag is dezelfde, en dat maakt het juist boeiend. Als paramedisch coördinator komt er heel veel op mijn pad. Ik ben verantwoordelijk voor de verpleegkundigen, kinesitherapeuten, ergotherapeuten, activiteitenbegeleiders en externe zorgverleners. Het leukste? Samen met het team en de cliënten zoeken naar wat zij echt nodig hebben. Niet boven hen staan, maar naast hen. Een compagnon de route zijn, zoals in onze visie staat. En net dat geeft mij elke dag opnieuw energie.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Empathisch en vakbekwaam zijn, dat spreekt voor zich. Maar in onze sector is creativiteit minstens zo belangrijk. Bij het werken met personen met een beperking is niet alles even voorspelbaar. Om tot een oplossing te komen, moet je vaak durven afwijken van het vertrouwde pad en out of the box denken. Ik sta nog vaak versteld van hoe creatief en verantwoordelijk onze medewerkers daarmee omgaan. Het vraagt veel van hen, maar ze doen het toch maar. De crème de la crème, zo noem ik ze graag.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
Niets gaat boven de kamerbrede glimlach en stevige knuffels van de cliënten. In De Branding werken we vaak tientallen jaren met dezelfde cliënten, waardoor je automatisch een sterke band met hen opbouwt. Als verpleegkundige kom je in hun persoonlijke bubbel. Je wordt een vertrouwd gezicht en een houvast. Cliënten die spontaan bij je over de vloer komen voor een koffie of samen feestdagen vieren: een grotere bevestiging kan je niet krijgen.
Zijn er ook minder fijne momenten?
Net door die intense band, komt een overlijden des te hard binnen. Daarnaast botsen we wel eens op grenzen. Hoe betrokken je ook bent, je kan nooit elk leed wegnemen van de cliënt of van het netwerk. Al heb ik het ook over externe grenzen, zoals middelen en wetgeving. Dan voel je je machteloos. We willen het juiste doen, maar moeten roeien met de riemen die we hebben. En dat kan wegen.
Wat zijn de uitdagingen voor vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
Ondanks de onmacht en beperkingen moet de verpleegkundige een verbindende rol blijven spelen: wij zijn de brug tussen cliënt, familie, artsen, externe zorgverleners en de organisatie. Maar de druk neemt toe. De maatschappij wordt kritischer, terwijl het steeds moeilijker wordt om gemotiveerde en bekwame mensen te vinden. Iedereen hengelt naar dezelfde profielen. Vandaag lukt het nog bij ons, maar hoe zal het zijn over tien jaar? Daar lig ik soms wakker van.
Wat doe je in je vrije tijd?
In mijn vrije tijd breng ik zoveel mogelijk tijd door met mijn gezin of trek ik erop uit met de moto. Daarnaast ben ik een fervent schapenliefhebber en molenaar. Geen alledaagse hobby’s, maar voor mij de ideale mix om volledig tot rust te komen naast het werk.
“Humor is het beste medicijn, wanneer het kan”
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Dimitri De Glas (49 jaar) is spoedverpleegkundige en stafmedewerker juridisch adviseur voor de directeur verpleging in het AZ Sint-Jan in Brugge, werkt bij het Brussels Airport Rescue-Team, is actief binnen de Federale Toezichtscommissie en is lid van de Juridische Adviesgroep NETWERK VERPLEEGKUNDE.
Waarom ben je verpleegkundige geworden?
Als kind maakte ik de reanimatie van een van onze buren mee. Toen zei ik: “Dat wil ik nooit doen.” Mijn vader was brancardier en zo rolde ik uiteindelijk toch de zorg in. Al had ik nooit de ambitie om een Florence Nightingale te worden. Wie me wel inspireert? René Tytgat, die ik leerde kennen tijdens mijn werk in het AZ Sint-Jan.
Wat boeit je in je job?
Het is geen 9-to-5 en je bent steeds in beweging waardoor je op plaatsen komt die niet altijd vanzelfsprekend zijn. Daarnaast heb je voor verpleegkunde een stevige dosis maturiteit nodig en moet je respect hebben voor iedereen. Iedereen weet dat verpleegkundigen in een ziekenhuis of in de thuisverpleging werken, maar er zijn nog zoveel andere plaatsen: scholen, de arbeidsgeneeskundige dienst, de luchthaven, cruiseschepen of zelfs de IT-sector. Zoveel uitdagingen met één diploma.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Verpleegkunde gaat verder dan de technische handelingen. Ik praat altijd met de omgeving van de patiënt. Zo doorbreek je de spanning of bereid je hen al voor op eventueel slecht nieuws. Je moet er zijn wanneer mensen je nodig hebben, maar ook weten wanneer je best zwijgt. Ik zeg altijd: “humor is het beste medicijn”, zelfs in kritieke situaties. Maar je moet aanvoelen wanneer het kan. Die gesprekken blijven mensen meer bij dan een infuus dat goed geprikt is. Je hebt die vaardigheid of niet, maar je kan er ook in groeien. Ga gesprekken met de patiënt en diens omgeving dus niet uit de weg.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
Dat zijn voor mij niet de succesvolle reanimaties of een ledemaat dat correct gegipst is, wel de situaties waarin we als verpleegkundige het verschil kunnen maken en waarin de patiënt zijn verhaal kwijt kan.
Zijn er ook minder fijne momenten?
De agressie die toeneemt is een keerzijde aan onze job. Met je uniform ben je zeer herkenbaar. Door mijn juridische opleiding weet ik hoe ik die situaties aanpak. Die kennis draag ik over aan andere verpleegkundigen. Zo weten ze waar en wanneer ze klacht kunnen indienen en wat hun rechten en plichten zijn.
Wat zijn de uitdagingen voor vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
Ik noem mezelf soms een verpleegkundig filosoof omdat ik graag nadenk over de toekomst van ons beroep. Als spoedverpleegkundige kom je overal en babbel je met veel mensen, ook met zorgverleners in de woonzorgcentra en thuiszorg. Je hebt een brede kijk. Er zijn verpleegkundigen genoeg, als we de uitstroom aanpakken. Je moet je boven de stress en de randvoorwaarden die bij de job horen zetten. Jongeren krijgen te veel negatieve beeldvorming over het beroep binnen. Dat maakt starten aan de opleiding niet evident. Daarnaast blijf ik met de vraag zitten: is er wel voldoende verpleegtijd om alle vernieuwingen in te voeren?
Wat doe je in je vrije tijd?
Ik doe veel met mijn gezin en ga ontzettend graag zwemmen. Dat is voor mij echt vrij zijn, een beetje zoals vliegen. Daarnaast ben ik bezig met ontspullen. Ik wil minder hebben en meer beleven. Geprikkeld worden, door ervaringen en door de natuur.
Hoe werkt een verpleegkundige op de luchthaven?
“Eigenlijk is dit een kleine spoeddienst”, zegt verpleegkundige Dimitri De Glas. Hij werkt enkele keren per maand in het Brussels Airport Rescue-Team* en verwelkomt ons op het medische kabinet van de luchthaven.
Je loopt er zo voorbij: het grote rode kruis op het gelijkvloers van de luchthaven aan de uitgang naar het busstation. Toch bevindt zich achter die deuren het medische kabinet, de uitvalsbasis van het Brussels Airport Rescue-Team*. Zij staan 24 uur op 24 paraat voor alle passagiers, bezoekers en werknemers op de luchthaven en de omliggende bedrijven. In 2023 voerde het Brussels Airport Rescue-Team* 4.000 interventies uit, in 2024 achttien reanimaties. Dat komt neer op 180 interventies per miljoen passagiers, als je weet dat Brussels Airport gemiddeld zo’n 65.000 passagiers per dag over de vloer krijgt.
Er zijn altijd een arts en een verpleegkundige stand-by. Een van die verpleegkundigen is Dimitri De Glas, lid van de Juridische Adviesgroep NETWERK VERPLEEGKUNDE. “We beschikken over één behandelruimte om kleine ingrepen uit te voeren. Ons klinische onderzoek is ontzettend belangrijk, ook al moet alles hier snel gaan, want mensen willen meestal hun vlucht nog halen. We moeten vaak ter plaatse gaan, zowel in de vertrekhal als op het tarmac en aan de gates. De incidenten zijn uiteenlopend: van een man die uitglijdt in het busstation over een bananenschil, een kindje dat op het vliegtuig een pinda in zijn neus steekt of een vrouw die valt op de rolband en haar been breekt tot reanimaties.”
Binnen de lijnen lopen
De luchtvaart is een aparte wereld met een unieke sfeer. Er zijn passagiers, crews van luchtvaartmaatschappijen, andere werknemers, verschillende bedrijven, … Zij kunnen voor medische hulp terecht bij het Brussels Airport Rescue-Team*. Je kan hier als verpleegkundige ook niet zomaar starten. “Hoe ik hier belandde? Tijdens covid was personeel nodig om de temperatuurcontroles uit te voeren. De opportuniteit bood zich aan, dus sprong ik. Zo leerde ik de werking kennen”, vertelt Dimitri. “Het is een kleine equipe met gemotiveerde mensen. Je moet over een BBT in spoed en intensieve zorg beschikken en een aantal jaren ervaring op de teller hebben. Daarnaast werk je hier nooit voltijds en moet je actief zijn op een andere spoeddienst. We hebben geen voorgeschiedenis van de patiënt, dus je voeling met het werkveld buiten het ziekenhuis is belangrijk.”
Daarnaast gelden op de luchthaven strikte veiligheidsvoorwaarden en moet je alle veiligheidsprocedures kennen. “Zo heb ik bijvoorbeeld een speciaal rijbewijs om met onze mug ter plaatse te kunnen gaan op het tarmac. We beschikken ook over een eigen 112-systeem. Krijgt de noodcentrale een oproep vanop de gronden van de luchthaven, dan nemen ook zij contact met ons op. Daarom is het van belang dat wij zeer goed onze weg kennen en regelmatig de omgeving verkennen. Wij gaan ter plaatse, dienen de eerste zorgen toe en vragen indien nodig bijstand van de ambulance van de brandweer. Onze mug verlaat de luchthaven niet.”
Verhaal achter de reiziger
Op de luchthaven werk je met passagiers van verschillende nationaliteiten, met crews van buitenlandse luchtvaartmaatschappijen en met werknemers van de bedrijven. Is er dan geen taalbarrière? “Neen”, zegt Dimitri. “We hebben geen tolk, maar vertaalapps werken prima. Je zit hier in een unieke setting. Bij elke patiënt die we behandelen, neem je zijn of haar verhaal mee in je beslissing. Wil die persoon op reis of vertrekt die naar huis? Wat is de reden van de reis? Het is geen klinische omgeving. Heeft iemand pijn aan de borst? Dan voeren we een ECG uit om de risico’s in te schatten. Je voert hier geneeskunde uit met beperkte middelen, in functie van de passagier en diens gezondheidstoestand. Het menselijke speelt hier nog harder mee dan in een klassieke zorgcontext, binnen de grenzen van wat kan, mag en veilig is.”
“Neem de dag zoals hij komt”
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Anke Kerkhofs (32 jaar) is hoofdverpleegkundige in het Ziekenhuis aan de Stroom (ZAS) in Antwerpen en lid van de werkgroep Hoofdverpleegkundigen.
Waarom ben je verpleegkundige geworden?
Ik zag mezelf nooit achter een bureau zitten, maar wilde me actief inzetten voor de mens en maatschappij. De keuze voor verpleegkunde werd vooral gevoed door mijn interesse in één specifieke doelgroep: ouderen. Tijdens mijn studies werd die passie alleen maar sterker. Met een master in de gerontologie als resultaat. Mijn stageplaats werd mijn werkplek, waar ik doorgroeide tot hoofdverpleegkundige.
Wat boeit je in je job?
Geen enkele dag is dezelfde en dat maakt mijn werk zo boeiend. ’s Ochtends start ik met een blik op de agenda en kijk ik wat de dag brengt. Als hoofdverpleegkundige schakel ik voortdurend tussen klinisch werk, teamcoördinatie, beleidsontwikkeling en kwaliteitsbewaking. Die mix houdt me scherp. De directe zorg draag ik vaker over aan mijn team, maar als het nodig is, spring ik zonder aarzelen bij.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Kalmte bewaren, zeker op een acute geriatrische afdeling. Patiënten komen vaak ernstig ziek binnen en hun toestand kan in een vingerknip omslaan. Het ene moment lijkt alles stabiel, het volgende is het alle hens aan dek. In zo’n situaties is paniek geen optie. Een goede verpleegkundige op een geriatrische afdeling kan in acute stresssituaties het overzicht bewaren en de juiste prioriteiten stellen. Mijn tip? Neem de dag zoals hij komt.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
Als hoofdverpleegkundige ligt de schoonheid van mijn werk niet alleen in de zorg voor de patiënten, maar vooral in het team erachter. Voor mij is een positieve werksfeer net zo belangrijk als kwaliteitsvolle patiëntenzorg. Daarom waak ik voortdurend over het welzijn van elke collega. Ik spreek niet graag over ‘personeel’, maar liever over een team. Want dat is echt wat we zijn. Samen brainstormen, verbeteringen zoeken en quick wins realiseren – met de nadruk op ‘samen’: dat geeft me de grootste voldoening.
Zijn er ook minder fijne momenten?
Als het team op het tandvlees zit, gaan bij mij de alarmbellen af. Ik ben geen stresskip, maar als de sfeer onder de werkdruk lijdt, wringt het bij mij. Drukte en uitval van collega’s legt extra druk op de rest, en dat baart me wel eens zorgen: houden ze het wel vol? Hoe betrokken je ook bent, je kan niet alles in de hand hebben. En dat is soms een bittere pil.
Wat zijn de uitdagingen voor vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
Geriatrie beter op de kaart zetten. Door de vergrijzing zal de vraag naar ouderenzorg alleen maar toenemen. Toch blijft het aantal verpleegkundigen dat voor geriatrie kiest achter. Jammer, want het is zo’n boeiend en waardevol werkveld. Daarom zet ik mij in om de clichés rond ouderenzorg te ontkrachten door les te geven aan de verpleegkundigen van morgen. Ook via sociale media, zoals een Instagramkanaal, proberen we de schoonheid en impact van geriatrische zorg in de kijker te zetten.
Wat doe je in je vrije tijd?
Naast mijn job geniet ik met volle teugen van mijn gezin. Ik ben graag buiten en trap regelmatig met de bakfiets door de rustige straten in mijn buurt. Ik woon heerlijk landelijk, op zo’n 30 kilometer van mijn werk. Ideaal voor een evenwichtige work-lifebalance.










