Terug naar toen – en weer vooruit
Denk je soms met een glimlach terug aan dat ene zomerkamp, die zalige festivaldag of een legendarische reis met vrienden? Dat warme, licht weemoedige gevoel heet nostalgie. En nee, dat is niet gewoon sentimenteel wegdromen. Onderzoek toont aan dat mensen die vaker nostalgisch zijn, hun hechte vriendschappen beter onderhouden. Met andere woorden: terugdenken aan vroeger helpt om sterker verbonden te blijven in de toekomst.
Onderzoekers van de Kyoto Universiteit in Japan en de Universiteit van Buffalo in de VS[1] ontdekten dat mensen die vaker nostalgische gevoelens ervaren, doorgaans meer hechte sociale contacten onderhouden. Doorheen de jaren verandert je sociale kring namelijk vanzelf. In je jeugd kom je spontaan veel mensen tegen, later nemen werk, gezin en verantwoordelijkheden meer ruimte in. Mensen verhuizen. Agenda’s raken voller. Je netwerk wordt kleiner.
Nostalgie is een zachte reminder van wat belangrijk is. Als je terugdenkt aan mooie momenten met iemand, groeit de drang om die band te behouden. Je stuurt sneller een bericht. Je spreekt nog eens af. Je investeert bewuster in wie er echt toe doet. Je krijgt er niet noodzakelijk méér vrienden door, maar wel sterkere vriendschappen. En laat dat nu net zijn wat ons welzijn voedt.
Vrije dag? Maak ruimte voor herinneringen
Op je volgende vrije dag hoef je dus niet altijd iets nieuws te plannen. Misschien volstaat het om even bewust terug te blikken.
- Maak een mini-terugblikmoment
Neem vijf minuten en denk aan een periode waarin je je sterk verbonden voelde met anderen. Wat maakte die tijd zo waardevol?
- Zet muziek op uit de ‘goede oude tijd’
Muziek is een snelle toegangspoort tot herinneringen. Eén nummer en je zit zo weer aan het kampvuur of op die legendarische studentenfuif.
- Blader door oude foto’s
Blijf niet zomaar eindeloos scrollen, maar neem echt de tijd om bewust te kijken. Wie zie je? Met wie heb je al een tijd geen contact meer gehad? Wie wil je nog eens terugzien of wat zou je graag herbeleven?
- Ga naar een vertrouwde plek
Maak een wandeling langs je oude school, je eerste appartement of dat café waar je je partner voor het eerst kuste. Plaatsen doen herinneringen herleven.
- Kook iets van vroeger
De geur van een familierecept of eenvoudige studentenkost kan verrassend veel oproepen. En waarom nodig je de mensen die toen mee aan tafel zaten niet uit?
Want dat is namelijk de belangrijkste stap: doe iets met je nostalgie. Stuur dat berichtje. Plan die koffie. Bel die vriendin die je al maanden in gedachten hebt.
Geen vlucht uit het heden
Sommigen beweren dat nostalgische mensen in het verleden blijven hangen. Maar het omgekeerde is waar: wie met warmte terugkijkt, investeert net bewuster in de toekomst. Je koestert wat waardevol was, en wil dat niet kwijt. Verbinding is een basisbehoefte. Ook voor jezelf.
Dus je laat je volgende vrije dag geen dag zijn om alles af te vinken op je to-dolijst. Maak er een dag van om heerlijk nostalgisch te worden en een speciale band wat extra aandacht te geven. Eerst een beetje terugkijken. En dan weer vooruit.
[1] Huang, K. J., & Chang, Y. H. (2025). The past that ties us together: nostalgia strengthens social networks. Cognition and Emotion, 39(8), 1841–1856. https://doi.org/10.1080/02699931.2025.2451313
Je lichaam weet het
Je kan perfect denken dat je alles onder controle hebt, en toch reageert je lijf anders. Een versnelde hartslag bij een bepaalde patiënt. Opgespannen schouders na een drukke shift. Moeite om in slaap te vallen terwijl je hoofd zegt dat het tijd is om te rusten. Lichaam en geest werken samen. Wat je meemaakt, laat sporen na in je lijf.
In Hoe het lichaam onthoudt wat je zelf vergeten bent beschrijft Tom De Prest hoe ervaringen zich kunnen vastzetten in je lichaam. Emoties en stress blijven niet beperkt tot gedachten. Ze beïnvloeden je ademhaling, spierspanning, hormonen en zelfs je houding. Het lichaam reageert vaak sneller dan je verstand. Het is een thema dat leeft. In de bestseller The Body Keeps the Score toont psychiater Bessel van der Kolk hoe ingrijpende ervaringen het zenuwstelsel langdurig beïnvloeden. Zelfs wanneer iemand rationeel weet dat het gevaar voorbij is, kan het lichaam reageren alsof het er nog is.
Stress zit niet alleen in je hoofd
Stress is in de eerste plaats een lichamelijke reactie. Bij spanning schakelt je systeem over op paraatheid: je ademhaling versnelt, je spieren spannen zich aan, je focus vernauwt. Dat helpt in acute situaties. In de zorg volgen zulke momenten elkaar soms snel op. Hoge werkdruk, emotioneel beladen gesprekken, onverwachte incidenten … Het lichaam krijgt weinig tijd om volledig te herstellen.
Wanneer die verhoogde waakstand blijft aanhouden, ontstaan klachten. Slaapproblemen, prikkelbaarheid, hoofdpijn, rugpijn of een constant gevoel van vermoeidheid. Zulke signalen hebben vaak meerdere oorzaken. Naast medische factoren spelen ook emotionele belasting en chronische stress mee. Je lichaam wil je iets vertellen.
Luister naar je lichaam
De connectie tussen je lichaam en geest vraagt een bredere blik. Gedrag van patiënten krijgt meer betekenis wanneer je het ook ziet als een mogelijke stressreactie. Iemand die snel geagiteerd reageert, voelt zich misschien onveilig. Een rustige stem, duidelijke uitleg en voorspelbare handelingen helpen dan het zenuwstelsel tot rust te komen. Veiligheid ondersteunt herstel.
Ook voor jezelf geldt dat principe. Je kunt stress niet wegdenken. Wat wel? Help je lichaam reguleren. Kleine acties maken verschil: bewust trager ademen voor je een kamer binnengaat, je schouders ontspannen tijdens rapportage, even bewegen na een intens gesprek. Deze handelingen helpen om je zenuwstelsel opnieuw in balans te brengen. Want herstel is mogelijk. Ons zenuwstelsel blijft veranderbaar. Nieuwe ervaringen van rust, veiligheid en verbinding sturen oude patronen bij.
Eigenlijk gaat het hier over de kern van zorg: aandacht hebben voor het geheel van de mens. Fysieke klachten, emoties en gedrag staan nooit los van elkaar. Wie die samenhang ziet, kijkt anders naar patiënten, en misschien ook naar zichzelf. Vaak begint het met één eenvoudige vraag: wat vertelt mijn lichaam mij nu? Luisteren is de boodschap.
Bronnen
The Body Keeps the Score: Brain, Mind, and Body in the Healing of Trauma, Pinguin books, 2015, Bessel van der Kolk
Hoe het lichaam onthoudt wat je zelf vergeten bent, Borgerhoff & Lamberigts, 2022, Tom De Prest
Gezellig, zo’n gezelschapsspel?
Gezelschapspelletjes zijn leuk, tot iemand het Risk-bord van de tafel gooit omdat die Canada maar niet te pakken krijgt. Gelukkig bestaan er ook spelletjes waarbij je het niet tegen elkaar opneemt, maar net samen probeert het spel te winnen. Echt gezellig dus. Zet jij binnenkort een coöperatieve boardgame op tafel met je gezin of vrienden? Dat schijnt goed te combineren met een kaasplankje en wat drankjes.
Samen Monopoly of Cluedo spelen is allemaal fun and games, tot je schoonmoeder competitief wordt en je neefje – of jijzelf? – niet tegen zijn verlies kan. Zo wordt het al snel een on-gezelschapsspel. Gelukkig zijn er ook spelletjes waarbij je niet tegen, maar met elkaar speelt, om samen het spel te verslaan: coöperatieve gezelschapspellen. Samen gezellig samen spelen, mooi dat dit in deze wereld nog kan, toch?
Er zijn verschillende types coöperatieve spelletjes of samenwerkingsspellen, zoals een escapegame, een bordspel of een handig kaartspel dat je zo op de camping, de trein of in je luie zetel speelt. Je kiest uit spelletjes voor kinderen of voor volwassenen, maakt je gezelschap warm en geniet van een leuke avond.
Samen met je kinderen spelen
In Eerste Boomgaard werk je samen met kinderen vanaf twee jaar om gevallen fruit te redden van een hongerige raaf. Ideaal als eerste gezelschapsspel, want je mag je kleuter gewoon helpen. Speel je Het Kleurenmonster – je kent het misschien van de boeken – dan nodig je je kindje uit om tijdens het spelen over zijn of haar gevoelens te praten. Winnen is in deze spelletjes bijzaak, plezier en verbinding het doel.
Ook memory kan je samen spelen: Yokai is een kaartspel voor spelertjes vanaf acht jaar, waarbij jullie alle soorten Yokai aan het einde van het spel per kleur samen moeten krijgen. Een test voor jullie geheugen en samenwerking. Echt spannend maak je het met The Mind, waarbij je moet samenwerken zonder overleg. Elke speler krijgt enkele kaarten met een cijfer op, die jullie oplopend moeten leggen van 0 naar 100 – in complete stilte. Word één mind met spelers vanaf acht jaar, of gezellig onder volwassenen.
Win het spel, of anders …
Eén van de meest succesvolle coöperatieve spelletjes is Pandemic, waarbij je als team de wereld moet redden van enkele ziektes – klinkt je misschien bekend in de oren? In dit spel ben je de held die de mensheid in veiligheid brengt. Tenzij je met je hele gezelschap samen verliest, natuurlijk. Na elke actie breidt het gevaar uit, dus je moet strategisch denken en samenwerken.
Ook in Paleo hangt jullie overleving af van jullie samenwerking. Als volksstam in het stenen tijdperk worden jullie langs alle kanten bedreigd, door wilde dieren, stormen en concurrerende stammen. Elke speler heeft zijn eigen rol en een eigen stapel kaarten om de omgeving te verkennen en de stam vooruit te helpen.
In Flash Point: Fire Rescue vorm je een team op het bord en probeer je een gezin uit een brandend huis te redden. Zoek slachtoffers in de verschillende ruimtes en probeer de brand te blussen, of zie hoe alles in vlammen opgaat. Dit spel kan je in verschillende niveaus spelen: met het hele gezin, of enkel met geavanceerde spelers.
Zoek je het graag nog verder? Trek de ruimte in met De Crew op een missie naar een mysterieuze planeet. Met dit kaartspel kan je vijftig verschillende missies volbrengen, maar alleen als je als team samenwerkt. Daar kan je heel wat vrije avonden mee vullen!
Gun jezelf - en je zorgvrager - een adempauze
Je doet het duizenden keren per dag, vaak zonder erbij stil te staan. Tussen twee zorgen door, soms met een zucht. Ademen. Maar goed ademen is veel meer dan lucht in- en uitblazen. “We ademen niet altijd op een manier die ons lichaam helpt”, zegt ademhalingskinesitherapeut Marie-Laure Sibret. In dit artikel geeft ze tips over hoe het wel moet.
Wie klachten krijgt zoals benauwdheid, hartkloppingen, duizeligheid of een drukkend gevoel op de borst, denkt zelden meteen aan ademhaling. “Veel patiënten leggen een hele weg af”, vertelt Marie-Laure Sibret. “Ze starten bij de cardioloog, belanden bij de gastro-enteroloog en pas als alles ‘in orde’ blijkt, komt ademhaling ter sprake.” Nochtans ligt daar vaak de sleutel. Stress en verkeerd ademen kunnen klachten uitlokken of versterken, zowel lichamelijk als emotioneel.
Opvallend: ademhalingsproblemen komen steeds vaker voor. Niet alleen bij volwassenen, maar ook bij kinderen. “Ik zie vandaag kinderen van acht of negen jaar met hyperventilatieklachten”, zegt ze. “Dat heeft vaak te maken met stress, denk maar aan prestatiedruk op school of sociale druk.” Bij volwassenen ziet ze daarnaast een duidelijke stijging sinds de coronapandemie.
De impact van covid en mondmaskers
Volgens Marie-Laure heeft covid een blijvende invloed gehad op onze ademhaling. “Tijdens de pandemie zijn mensen tijdelijk anders gaan ademen door mondmaskers te dragen. Wie gespannen is en een masker draagt, schakelt sneller over op hulpademhalingsspieren hoog in de borst en hals. Dat patroon kan blijven hangen, zeker bij stress.” Voor verpleegkundigen is dat herkenbaar. Zij dragen vaak en langdurig een mondmasker. “Een masker op zich is geen probleem”, nuanceert Marie-Laure. “Een aandachtspunt is hoe je ermee ademt.” Oppervlakkig en snel ademen in een masker kan klachten versterken: vermoeidheid, hoofdpijn, een opgejaagd gevoel. Bewust blijven ademen met voldoende aandacht voor een rustige uitademing is dan extra belangrijk.
Wat is een goede ademhaling?
Een goede ademhaling draait minder om hoeveel lucht je inademt, maar meer om hoe je ademt. “Inademen is een actieve beweging”, legt Marie-Laure uit. “Verschillende spieren trekken samen, met het middenrif als belangrijkste ademhalingsspier.” Dat middenrif zakt bij het inademen, waardoor de longen zich uitzetten en zich vullen met lucht. Door die beweging komt er druk op de buikorganen, waardoor de buik naar voren beweegt. “Er wordt vaak gesproken over buik- versus borstademhaling, maar in werkelijkheid bewegen borst en buik altijd samen.” Het probleem zit meestal bij het uitademen. “Veel mensen forceren die: ze trekken hun buik in of persen de lucht eruit. Terwijl uitademen in rust passief verloopt en vooral langer duurt dan inademen.” Dat forceren verstoort het ademritme en kan klachten veroorzaken. Ook wanneer je te kort uitademt, kan dat de volgende inademing nadelig beïnvloeden.
Minder tellen, meer voelen
Ademhalingsoefeningen zijn populair, maar volgens Marie-Laure ligt daar ook een valkuil. “Veel technieken focussen sterk op tellen en vasthouden, zoals de bekende 4-7-8-methode of bepaalde apps. Voor beginners kan dat te belastend zijn.” Mensen fixeren zich op tijd, houden te lang hun adem in, worden duizelig en forceren vervolgens de uitademing. In haar praktijk start ze daarom zonder cijfers. “Eerst leren we voelen: hoe bewegen borst en buik samen, zonder te forceren?” Pas daarna worden eenvoudige ritmes geïntroduceerd, zonder pauzes en met een langere uitademing, en vervolgens met een pauze. “En altijd afwisselen: een paar ademhalingen met pauze, daarna weer zonder.”
Ademhaling als zorgtool
Verpleegkundigen kunnen ademhaling ook inzetten als praktisch hulpmiddel. “Samen ademen kan rust brengen bij een angstige patiënt, een kind dat een prik krijgt of iemand die snel buiten adem is.” Ook bij technische handelingen zoals aerosols of puffers speelt ademhaling een rol. Houding en ademritme bepalen mee of medicatie effectief in de longen terechtkomt.
Goed ademen vraagt geen lange oefeningen. “Het begint met bewustwording”, besluit Marie-Laure. “En net omdat het zo belangrijk is, mag het gerust wat meer aandacht krijgen binnen de opleiding verpleegkunde en bij uitbreiding binnen het onderwijs in het algemeen.”
Een maand zonder alcohol? Yes you can!
De feestdagen zijn achter de rug. Je hebt ze overleefd, al denkt je lever daar misschien anders over. Welkom, Tournée Minérale: dertig dagen zonder alcohol. Hoe voelt dat? Wat gebeurt er nu echt in je lichaam en hoofd als je die maand overslaat aan de toog? Doe je mee?
Elk jaar opnieuw neemt ongeveer een op de vijf volwassenen in Vlaanderen deel aan de maand zonder alcohol. Terecht, want meedoen met initiatieven als Tournée Minérale, dat naar jaarlijkse gewoonte in februari plaatsvindt, kan je wel degelijk helpen om ook de rest van het jaar bewuster met alcohol om te springen. En dat is nodig.
Alcohol is een sluipend genotmiddel en helaas sociaal ingebed. Iemand jarig? Laat de kurk maar knallen. Na het werk een glaasje om te ontspannen … Maar lichamelijk en mentaal betalen we de tol. Wie het een tijdje laat, merkt vaak verrassend snel het verschil.
Slaap als eerste beloning
Een van de eerste effecten die deelnemers merken, is een betere nachtrust. Alcohol lijkt je sneller te doen inslapen, maar verstoort de diepe slaap. Zonder dat glaasje ‘ter ontspanning’ herstelt het slaappatroon zich: je slaapt dieper, wordt minder vaak wakker en voelt je overdag frisser. Ook mentaal heeft dat effect. Een goed herstellende slaap vermindert stress, verhoogt de concentratie en verbetert de stemming. Je voelt je scherper en rustiger tegelijk. Dat merk je niet alleen in je werk, maar ook in je omgang met anderen.
De spiegel liegt niet
Naast wat er vanbinnen gebeurt, zijn er ook zichtbare veranderingen. Minder alcohol betekent vaak een meer zuivere huid, minder wallen en een stabieler gewicht. Alcohol droogt uit, belast de lever en beïnvloedt de hormoonhuishouding. Na enkele weken zonder verdwijnen de typische grauwe teint en gezwollen blik waar velen zich pas bewust van worden als ze veranderen.
Wie na een maand onthouding een glas wijn drinkt, merkt vaak dat de tolerantie gedaald is, een teken dat het lichaam intussen ontgift is. Dat bewustzijn is precies het doel van campagnes als Tournée Minérale: niet iedereen hoeft volledig te stoppen, maar wel bewust te kiezen wanneer en waarom men drinkt.
Een reset voor de geest
Naast de fysieke effecten is er ook een psychologisch luik. Een maand zonder alcohol zet aan tot reflectie over gewoontes en copingmechanismen. Veel mensen grijpen naar alcohol om te ontspannen na een stressvolle dag of een late shift. Tijdens een alcoholvrije periode ga je sneller op zoek naar andere manieren: wandelen, sporten, muziek luisteren of gewoon op tijd slapen. Dat helpt om gezondere routines te ontwikkelen die ook na een maand blijven hangen.
Uit cijfers van het Vlaams expertisecentrum Alcohol en andere Drugs (VAD) blijkt dat acht op de tien deelnemers zich na afloop beter in hun vel voelt, en zes op de tien bewuster omgaat met alcoholgebruik nadien. Eigenlijk een vorm van zelfzorg. Je leert luisteren naar wat je lichaam echt nodig heeft om te ontspannen of te recupereren.
Shift uit, stem aan
Een drukke week achter de rug? Dan is je vrije dag het perfecte moment om de stress van je af te zingen. Letterlijk. Want (samen) zingen is gezond, gezellig en verrassend ontspannend. En het mooie is: je hoeft er geen gouden stem voor te hebben.
Wanneer je zingt, adem je dieper en rustiger dan gewoonlijk. Dat maakt dat je hartslag vertraagt en je bloeddruk daalt. Tegelijk komen gelukshormonen vrij – de kleine, onzichtbare supporters die je een goed gevoel geven. Je lichaam denkt: ‘Aha, het gevaar is geweken!’ en laat heel wat van de aanwezige spanningen los. Daarom voelen zoveel mensen zich na een zangmoment ontspannen en opgewekt, zelfs na een lange dag. Een natuurlijke stressremmer, zonder bijsluiter.
Samen maakt het nog beter
Zingen heeft nog meer effect als je het samen doet. Wetenschappers ontdekten dat mensen die in groep zingen, letterlijk hun ademhaling en hartslag op elkaar afstemmen. Alsof iedereen één groot, levend instrument wordt. Dat verklaart waarom een koorrepetitie zo verbindend aanvoelt, zelfs als je elkaar pas kent. En eerlijk: samen vals zingen en daar hartelijk om lachen schept soms nog meer band dan perfect op toon blijven.
Goed voor lijf en brein
Zingen activeert meer hersengebieden tegelijk dan bijna eender welke andere activiteit. Je geheugen, concentratie en coördinatie krijgen met andere woorden een korte maar krachtige work-out. Daarom gebruiken sommige revalidatieprogramma’s en zorginstellingen muziek als therapie. Het helpt om spanning los te laten en positieve emoties op te wekken. Zelfs kort neuriën of meezingen met de radio heeft al effect.
Geen podium nodig
Denk je bij zingen meteen aan een podium of publiek? Vergeet dat. Het gaat niet om presteren, maar om plezier. Zet je favoriete nummer op tijdens het koken, zing mee met de radio in de auto of start een kleine zanggroep, al dan niet met collega’s. In veel steden bestaan laagdrempelige koren waar je gewoon mag aansluiten. Partituren kunnen lezen of notenkennis zijn er overbodig. Geen reden dus om het niet te proberen. Op de website van Koor & Stem vind je via ‘vind een koor’ een zanggroep in je buurt.
Samengevat: samen zingen is eigenlijk een vorm van zelfzorg die niets kost, weinig tijd vraagt en toch veel oplevert. Een perfecte harmonie van ontspanning, verbondenheid en nieuwe energie. Dus de volgende keer dat je vrije dag nadert, doe het gewoon. Zet de muziek wat luider, adem diep in en zing alsof niemand luistert.
Zing en dans mee met de Verpleegkunde Vibes-playlist op Spotify!
Voeg je favoriete nummers zelf toe aan de playlist.
Durf jij de vraag stellen?
Ben je ongelukkig? Waarom heb jij geen kinderen? Wat denk jij over de nieuwe vriend van tante Sonja? Als je een antwoord wil, is het belangrijk de vraag te stellen. Toch voelen we ons vaak geremd om iets op de man of vrouw af te vragen. Kinderen voelen die schroom niet: hun nieuwsgierigheid wint het op elk moment van hun manieren. Door met een open blik vragen te stellen, maak je ruimte voor verbinding en om bij te leren. Wij delen enkele tips.
Kinderen stellen de meest eenvoudige, maar soms ook de meest onthullende vragen. “Waarom is de lucht blauw?”, “Waarom huilt die meneer?” of “Ben jij boos op mij?” Volwassenen vermijden zulke vragen uit beleefdheid, schaamte of angst om naïef te klinken, terwijl deze nieuwsgierigheid ons net helpt elkaar beter te begrijpen. Het lef om onbevangen vragen te stellen toont je oprechte interesse en laat je op een dieper niveau met iemand verbinden.
Verander je houding tegenover niet-weten
Een kind denkt: “Wat raar. Waarom is dat zo?” Als volwassene denk je vaak dat je alle antwoorden moet hebben. Je bent bang door de mand te vallen en dom te lijken als je een vraag stelt. Terwijl eerlijk iets vragen en je open opstellen juist je oprechte interesse toont. Het is het begin van leren, ontdekken en begrijpen.
Stel verkennende vragen
Eerlijk, we stellen allemaal soms vragen waar we het antwoord op weten, of denken te weten. Wil je echt weten wat iemand denkt over de vriend van tante Sonja, of wil je je eigen mening ventileren? Kinderen stellen vragen om iets te begrijpen, niet om een doel te bereiken. Denk aan: “Waarom doen we dat op die manier?” of “Wat zou er gebeuren als we het anders deden?” Zo’n vragen openen nieuwe perspectieven en stimuleren creatief denken.
Toon op een beleefde manier interesse
We houden onze vragen vaak voor ons, uit angst de etiquette te doorbreken. Vragen over uiterlijk, geld, politiek of gezin durven we niet te stellen om het gesprek niet ongemakkelijk te maken. Toch kan juist een oprechte vraag leiden tot een aangenaam, diepgaand gesprek. Door een vraag te stellen, toon je dat je geïnteresseerd bent in iemands mening of leven.
Stel een ‘nutteloze’ vraag
Kinderen vragen ook dingen die niet meteen een antwoord nodig hebben: “Waarom ruikt regen zo?” of “Kan tijd moe worden?” Zulke vragen prikkelen verwondering en nieuwsgierigheid. Durf eens zo’n vraag te stellen, gewoon om te ontdekken. Het is een manier om je brein wakker te houden en te laten spelen.
Hoe stel je een vraag
Een vraag stellen begint bij het erkennen dat het oké is om iets niet te weten. Je kan het bijvoorbeeld kaderen door te zeggen: “Ik ga een vraag stellen en misschien lijkt die dom, maar ik wil het echt begrijpen.” Begin klein, bijvoorbeeld met vrienden, familie of collega’s, en oefen met verkennende vragen. Later kun je een ‘domme’ vraag ook eens publiek stellen. Je zal merken dat anderen vaak met dezelfde vraag zitten. Door op deze manier vragen te oefenen, wordt nieuwsgierigheid een vanzelfsprekend onderdeel van je gesprekken en je denken.
Een frisse duik voor warme vibes
Nieuwjaarsduiken, koude douches of zelfs baden vol ijsblokjes: het lijkt wel of half Vlaanderen plots van ijsberen houdt. Is het echt zo gezond als sommigen beweren? En vooral: wat doet dat met je lijf (behalve bibberen, natuurlijk)?
Een ijsbad is letterlijk wat het zegt: je onderdompelen in ijskoud water tussen nul en tien graden, vaak voor hooguit een paar minuten. Dat kan buiten in natuurwater of gewoon in je eigen bad met wat ijsblokjes. Het plotselinge temperatuurverschil doet je lichaam schrikken. Je hartslag stijgt, je ademhaling versnelt en je bloedvaten trekken samen. Dat klinkt misschien heftig, maar net die schok is de bedoeling. Je lichaam schakelt over op overleven en keert daarna verrassend verfrist terug naar de ‘resetstand’.
Wat gebeurt er in je lichaam?
Sommigen doen het voor hun gezondheid, anderen voor de likes. Allebei oké: je doet er sowieso je voordeel mee. Onderzoek toont namelijk aan dat ijsbaden meerdere gunstige effecten heeft. Zo vermindert kou de zwelling, voorkomt het spierpijn en ontstekingen, en versnelt het je herstel na een inspanning. Daarom zie je topsporters na de training wel eens gezwind in een ijsbad duiken. Bovendien leidt het tot meer energie, minder stress en een beter humeur. De kou stimuleert de aanmaak van natuurlijke gelukshormonen, zoals endorfines en dopamines. Veel mensen voelen zich na afloop opgewekt en helder in het hoofd. Daarnaast tonen sommige studies aan dat mensen die vaak koudetraining doen iets minder snel verkouden zijn. Maar – en dat is belangrijk – wie een ijsbad neemt, wordt niet plots immuun voor ziektes of depressie. Het is een gezonde prikkel, geen tovertruc.
Weg met de bibberblues
Een ijsbad vraagt wat voorbereiding. Je springt er dus beter niet zomaar in. Bouw het stap voor stap op. Sluit je warme douche af met een frisse finale. Eerst vijftien seconden, daarna wat langer. Wie zachtjes bibbert, bouwt sterk karakter. Na een drietal weken probeer je eens een volledige koude douche van één tot twee minuten. In week vier kan je gerust buiten oefenen: een frisse wandeling met lichte kledij, of kort je voeten in koud water dompelen.
Ben je klaar voor het echte werk? Ga dan pas voor een ijsbad. Duik je het open water in, maak dan dat er altijd iemand in de buurt is. Adem rustig in en uit, blijf maximaal twee minuten ondergedompeld en warm daarna geleidelijk op met kledij, beweging en iets warms om te drinken. Neem geen hete douche vlak erna, die kan duizeligheid veroorzaken. En het belangrijkste: koude trainen is geen wedstrijd. Wie rustig opbouwt, geniet er het meest van.
Hou het hoofd koel
Een ijsbad doet wonderen voor wie het goed aanpakt. Maar overschat je innerlijke ijsbeer niet. Mensen met hartproblemen, hoge bloeddruk, astma, diabetes, de ziekte van Raynaud of een traagwerkende schildklier vragen best eerst raad aan hun arts. Ook tijdens de zwangerschap of vlak na een zware inspanning is het veiliger om het koele water even links te laten liggen. De grootste risico’s? Een koude shock waarbij je adem stokt, je hartslag omhoogschiet en je hoofd even niet meer weet wat er gebeurt. Of, bij te lang en te diep bibberen, flauwvallen of onderkoeling. De les van de dag: kou is prima, maar hou het hoofd koel.
Roddelen: lijm of gif?
“Zeg, heb je gezien dat Sarah te laat was?”, “Ben ik de enige die vindt dat de patiënt in kamer 4 overdrijft?” Roddelen. Iedereen doet het: onder vrienden en op de werkvloer. Vaak gaat het over iets luchtigs, soms steekt er meer onder. Roddelen is zo ingebakken in ons sociale leven dat wetenschappers het zien als een onmisbare vorm van communicatie. Tijd om dat fenomeen eens onder de loep te nemen. Want waarom smullen we er zo van? En welke functie heeft het op de werkvloer?
Zestig procent van onze communicatie gaat over anderen. Waarom doen we dat? Volgens Nele Verrezen, auteur van Gekonkelfoes in organisaties. Roddelen is niet onschuldig! (Politeia, 2018), gaat het vaak om een poging om gedrag te begrijpen. Stel dat een collega geen goeiemorgen zegt, dan bespreken we dat met anderen om te plaatsen wat er aan de hand is. Verrezen noemt het ‘menselijk vlooien’. Het helpt ons situaties te kaderen en geeft een gevoel van verbondenheid.
Wie ooit samen met collega’s gniffelde om een grappige uitspraak van een patiënt, of trots vertelde dat iemand langer bleef om een bewoner te helpen, herkent dat verbindende effect. In een context waar intens wordt samengewerkt, vaak onder hoge druk en met emotioneel belastende thema’s, is roddelen haast onvermijdelijk. Het kan een manier zijn om frustraties te ventileren, steun te zoeken of spanning te ontladen. Als sociale lijm creëert het samenhorigheid en maakt het impliciet duidelijk welke gedragingen we waarderen.
De keerzijde: stemmingmakerij
Maar roddelen heeft ook een donkere kant. Wat onschuldig begint, kan uitgroeien tot stemmingmakerij: verhalen die worden aangedikt, aangevuld met interpretaties en die uiteindelijk meer geloof krijgen dan de feiten zelf. Negatieve roddels, bijvoorbeeld over collega’s, kunnen leiden tot wantrouwen, uitsluiting of een ‘wij versus zij’-sfeer. En dat heeft impact. Een studie in Organizational Behavior and Human Decision Processes (Ellwardt, 2012) toont dat negatieve roddels samenhangen met lagere werktevredenheid en meer stress in teams.
De intentie speelt daarbij een doorslaggevende rol. Deel je iets om begrip te krijgen of spanning te ventileren, dan kan een roddel nog verbindend werken. Maar is het doel iemand te ondermijnen of belachelijk te maken, dan kantelt het mechanisme. Dan wordt roddelen geen onschuldig praatje meer, maar een middel om macht uit te oefenen of iemand in een kwaad daglicht te zetten.
Neem het voorbeeld van een nieuwe collega die nog zoekend is naar haar plek binnen de organisatie. Als er in de koffiekamer zuchtend wordt gezegd: “Zo chaotisch dat ze is”, voelt dat niet alleen kwetsend wanneer het haar ter ore komt, het kan ook de rest van het team verdelen. De bedoeling achter zo’n opmerking is zelden constructief, en dat maakt het effect des te schadelijker.
Wat kan je doen?
Roddelen uitbannen is onmogelijk. Maar er bewuster mee omgaan kan wel:
- Sta stil bij de intentie. Vertel je iets om te begrijpen of te verbinden, of doe je mee aan stemmingmakerij? Dezelfde zin kan steunend of ondermijnend zijn, afhankelijk van het waarom.
- Gebruik de vuistregel: zou ik dit ook rechtstreeks tegen de betrokken persoon zeggen? Zo niet, denk twee keer na.
- Benoem het. Als je zwijgt, dan bevestig je de roddel vaak onbewust. Door hem (voorzichtig) tegen te spreken, verminder je de impact.
- Buig om naar iets constructiefs. Vervang: “Zij is altijd chaotisch” door “Hoe kunnen we haar helpen zodat ze sneller haar weg vindt?”
- Neem collectieve verantwoordelijkheid. Als team kan je er bewust voor kiezen om negatieve roddels minder ruimte te geven en elkaar daarin aan te spreken.
Hoe je het ook draait of keert: roddelen hoort bij ons mens-zijn. Net als apen die elkaars vacht verzorgen, zoeken wij naar verhalen die ons dichter bij elkaar brengen.
Zo red jij je tijdens donkere dagen
Denk je bij het najaar aan warme chocolademelk en knisperende herfstbladen onder je botjes? Of eerder aan grijze ochtenden, regen en eeuwigdurende avonden? Of je nu team herfst of team zomer bent, met enkele kleine aanpassingen maak je van de donkere helft van het jaar toch een fijne tijd.
Als je humeur tegelijk met de herfstbladeren valt, dan moet je bij de basis beginnen. Zorg voor jezelf als voor een baby. Wanneer die huilt, kijk je niet eerst of hij misschien een creatieve hobby nodig heeft, maar check je of hij honger of kou heeft, of moe is. Slaap voldoende, drink veel water (of thee) en eet je dagelijkse portie groenten en fruit. Extra punten als die laatste in het seizoen zijn!
Minder blauw licht, meer daglicht
De kans dat je met Nieuwjaar terugblikt op de voorbije maanden en trots bent op de hoeveelheid schermtijd die je hebt verzet, is minimaal. Hou even op met doomscrollen, leg je smartphone aan de kant en ga iets echts doen: bezoek je oma, brei een trui of maak een kom soep. Schijnt de zon? Laat alles vallen en absorbeer wat daglicht. Een ochtendwandeling in de zon geeft een energieboost waar je de hele dag op kan teren.
Strek die benen
Waar je in de zomer vanzelf beweegt – op de fiets, in het zwembad of op een festivalweide – nodigt het najaar meer uit tot binnenblijven. Toch is beweging essentieel voor je dagelijkse geluk. Ga dus wandelen, lopen of fietsen – desnoods met een sjaal en regenjas. Doe gek en spring in een hoop herfstbladeren of ga lekker uitwaaien op het strand. Is dat najaarsgeweld niet aan jou besteed? Zet dan een vette schijf op en dans in je keuken.
Groet ’s morgens de dingen – en de mensen
Mensen begroeten is niet enkel beleefd, het geeft je ook een gevoel van verbondenheid en vertrouwen. Wanneer je die ochtendwandeling doet, wordt een simpele hallo aan je buren of nobele onbekenden misschien wel een hoogtepunt van je dag.
Vier het seizoen
Hartige stoofpotjes, warme appeltaarten met kaneel, pumpkin spice in je latte, paddenstoelen en kroketten: hartje zomer haal je er misschien je neus voor op, maar in het najaar verwarmen deze gerechten lichaam en ziel. Leef je uit in de keuken en laaf je aan al het lekkers van het seizoen. Neem je (klein)kinderen mee naar buiten en verzamel de mooiste herfstbladeren en kastanjes voor een inspirerende seizoenstafel.
Neem je agenda erbij
In het najaar keren we letterlijk terug naar binnen. Misschien word jij niet vrolijk van het vooruitzicht om wekenlang thuis te blijven. Maak dan wat leuke toekomstplannen: een kookworkshop met een vriendin, een interessante tentoonstelling of een stomend feestje. Iets plannen en ernaar uitkijken geeft kleur aan je leven.
If all else fails, cocoon
Soms wil je na je shift gewoon thuiskomen, onder een dekentje kruipen en Grey’s Anatomy bingen. Doe dat gewoon. Als er een seizoen uitgevonden is om series te kijken met een lekker warm drankje en gezellige geurkaarsen, dan is dat het najaar. Profiteer ervan en voel je niet schuldig als je vanavond niet meer uit je zetel komt.
Deze tips kunnen je herfstdip alvast helpen milderen. Heb je aanhoudend depressieve klachten, neem dan contact op met een professional.
DANSEN IN DE KEUKEN, ZEI JE?
Dat doe je met onze Verpleegkundevibesplaylist op Spotify, natuurlijk! Luister hier en voeg je favoriete dansnummers toe: naar de Spotify-playlist.










