Zijn trainingen voor zorgverleners gericht op het herkennen en reageren op partnergeweld tegen vrouwen effectief?

Cochrane Corner

In samenwerking met CEBAM, Cochrane Belgium

(www.cebam.be)

Trudy Bekkering1, Marleen Corremans1,2

 Vraag

Zijn trainingen voor zorgverleners gericht op het herkennen en reageren op partnergeweld tegen vrouwen effectief?

Context

Partnergeweld omvat alle geweld (lichamelijk, emotioneel en seksueel) gepleegd door een huidige of ex-partner. Partnergeweld kan leiden tot lichamelijke en emotionele gezondheidsproblemen zoals bijvoorbeeld verwondingen, angst, depressie, traumatische stress disorder of ongewenste zwangerschappen. Vrouwen zijn vaker geneigd om zorgverleners te vertrouwen. Zorgverleners bevinden zich daarom in een goede positie om deze vrouwen te herkennen en steun te bieden.

Selectiecriteria voor studies

De review includeerde experimentele studies (tot juni 2020) die het effect van trainingen of educatie programma’s voor zorgverleners vergeleek met geen specifieke training.

Samenvatting resultaten

Deze Cochrane review3 is gebaseerd op 19 studies met 1662 zorgverleners of studenten. De studies varieerden sterk wat betreft de training, achterliggende pedagogische theorieën en follow-up tijd. De zekerheid van bewijs was laag tot zeer laag en de meeste uitkomstmaten waren zelf-rapportages. Bovendien bekeken de studies wel het effect op de zorgverlener maar niet het effect op de vrouwen zelf.

Trainingen verbeteren, na twaalf maanden, mogelijk de attitude van zorgverleners naar deze vrouwen (lage zekerheid). Trainingen kunnen ook een groot effect hebben op de kennis en op de bereidheid om te reageren, maar het bewijs is onzeker. Er is beperkt bewijs dat door bepaalde typen van trainingen hulpverleners partnergeweld iets beter herkennen en documenteren en de veiligheid van vrouwen evalueren, maar de bevindingen zijn inconsistent. Men vond geen of weinig effect op doorverwijzingen, maar het bewijs is onzeker. Het effect op de mentale gezondheid van de vrouwen is niet geëvalueerd en geen van de studies beschreef eventuele neveneffecten.

Conclusie

De bevindingen suggereren dat trainingen de attitude van zorgverleners tegenover partnergeweld kunnen verbeteren. Ook kunnen ze de kennis en de bereidheid tot reageren verbeteren, maar we zijn onzeker over dit bewijs.

Implicaties voor de praktijk

Hoewel er op dit moment beperkt bewijs is voor het effect van deze trainingen, is het waarschijnlijk dat ze in de praktijk meer positieve dan negatieve effecten opleveren. Dit komt overeen met de richtlijnen van de WHO over hoe zorgverleners best reageren op geweld tegen vrouwen.4

 

Noten

1 Center for Evidence-Based Medicine (CEBAM), Cochrane Belgium, Belgian Interuniversity Collaboration for Evidence-based Practice (BICEP): a Joanna Briggs affiliated Center

2 Karel De Grote Hogeschool Antwerpen

Kalra  N, Hooker  L, Reisenhofer  S et al. Training healthcare providers to respond to intimate partner violence against women. Cochrane Database of Systematic Reviews 2021, Issue 5. Art. No.: CD012423. DOI: 10.1002/14651858.CD012423.pub2.

4 WHO. Caring for women subjected to violence: a WHO curriculum for training health-care providers; 2019. Available at www.who.int/reproductivehealth/publications/caring-for-women-subject-to-violence/en/.

 

Raadpleeg de volledige tekst van deze Cochrane review via de Cebam Digital Library for Health (www.cebam.be/nl/cdlh of www.cebam.be/fr/cdlh).


Probiotica voor acute diarree

Anne-Catherine Vanhovea,b, Koen Huysentruytc, Trudy Bekkeringa, Filip Coolsa,d, Marleen Corremansa,e

 

Vraag

Wat is het effect van probiotica bij acute infectieuze diarree?

Context

Acute diarree heeft meestal een gunstig beloop, maar kan leiden tot ernstige dehydratie en zelfs overlijden. Probiotica zouden de natuurlijke darmbalans herstellen én de duur en intensiteit van de symptomen verlichten. Tien jaar geleden concludeerde een Cochrane review dat probiotica positieve effecten had bij diarree. Deze review werd geüpdatet met de nieuwste studies.

Selectiecriteria voor studies

Deze review includeerde studies die probiotica vergeleken met placebo of geen probiotica bij mensen met acute (bevestigde of vermoedelijke) infectieuze diarree.

Samenvatting van resultaten

De Cochrane review includeerde 82 studies met 12.127 deelnemers. Er was veel variatie in type probiotica en deelnemers (leeftijd, land waar studie plaatsvond, eerdere behandeling met antibiotica of zink, diarree al dan niet door het rotavirus). De resultaten varieerden sterk, maar dit was niet te verklaren door verschillen in probiotica of kenmerken van deelnemers. Wel lieten kleine studies vaker positieve effecten zien dan grote studies. Dit ligt mogelijk aan het feit dat studies met negatieve of neutrale effecten minder makkelijk worden gepubliceerd. Dit vertekent conclusies van reviews.

Daarom analyseerden de auteurs alleen de studies met de beste methodologie. Dit waren er slechts zeven. Zo bleef er weinig variatie in de onderzochte stammen over. Op basis van twee studies is er bewijs van matige zekerheid dat probiotica weinig of geen effect hebben op het aantal mensen dat tenminste 48 uren diarree heeft. Deze studies onderzochten twee verschillende stammen van L. rhamnosus al dan niet met L. helveticus. Onzeker is of probiotica de duur van diarree kan verkorten (zeer lage zekerheid). Ernstige neveneffecten werden nergens gerapporteerd.

Conclusie

Probiotica (specifiek de L rhamnosus stammen met of zonder L. helveticus) hebben waarschijnlijk weinig of geen effect op het aantal personen dat meer dan 48 uur diarree heeft. We zijn onzeker over het effect op de duur van de diarree.

Implicaties voor de praktijk

Hoewel sommige richtlijnen probiotica voor diarree aanbevelen, suggereert deze review om deze aanbevelingen opnieuw te bekijken omdat het huidige bewijs dit niet ondersteunt.

Referenties

Collinson S, Deans A, Padua-Zamora A, Gregorio GV, Li C, Dans LF, Allen SJ. Probiotics for treating acute infectious diarrhoea. Cochrane Database of Systematic Reviews 2020, Issue 12. Art. No.: CD003048. DOI: 10.1002/14651858.CD003048.pub4.

 

a Cochrane Belgium, Centrum voor Evidence-Based Medicine (Cebam)

b Centre for Evidence-Based Practice, Belgian Red Cross-Flanders

c Vrije Universiteit Brussel, Universitair Ziekenhuis Brussel, Kindergastroenterologie

d Vrije Universiteit Brussel, Universitair Ziekenhuis Brussel, Neonatologie

e Karel De Grote Hogeschool, Antwerpen

 

Bekijk de volledige tekst van deze review via de Cebam Digital Library for Health.


Gewenste rollen en verwachtingen van nursing assistants in Japan

Vraag

Wat is de kloof tussen de gewenste rollen van nursing assistants en hun beleving van de verwachtingen van verpleegkundigen? Wat is de relatie tussen deze verwachtingen en de deelname van nursing assistants binnen een verpleegkundig team?

Context

De studie[1] gaat uit van de veronderstelling dat de waarneming van een nursing assistant over zijn of haar rol meteen verbonden is aan zijn of haar deelname aan het verpleegkundig team. Informatie-uitwisseling tussen verpleegkundigen en nursing assistants is noodzakelijk voor passende intramurale zorg. Verpleegkundigen die de rol van nursing assistants hoog in het vaandel dragen, zouden meer informatie delen met deze nursing assistants[2].

Selectiecriteria voor studies

De studie werd uitgevoerd in Japan. Er werd een secundaire analyse gemaakt van een enquête met liefst 1.316 respondenten, allen nursing assistants. Op die manier wilden onderzoekers een dieper inzicht krijgen in de mogelijke verbanden tussen de ervaring van nursing assistants en hun rol binnen het verpleegkundig team.

Samenvatting van de resultaten

Nursing assistants die deelnamen aan de studie beoordeelden hun eigen gewenste rollen hoger dan de verwachtingen die hun verpleegkundige collega’s volgens hun eigen aanvoelen hebben. Waar die beleving hoger ingeschat werd, merkten onderzoekers op dat nursing assistants ook meer betrokken waren binnen het verpleegkundig team. Lag die beleving lager, dan was er van teamparticipatie zo goed als geen sprake.

Conclusie

Nursing assistants schatten hun rol en takenpakket hoger in dan de eigenlijke verwachtingen van verpleegkundigen. Beleefden ze hogere verpleegkundige verwachtingen, dan presteerden de nursing assistants ook op een hoger niveau. Lag die beleving lager, daalde hun niveau. Ondanks hun motivatie om meer taken uit te voeren.

Gevolgen voor de praktijk

Zowel voor verpleegkundigen als voor nursing assistants is het nuttig om samen na te denken over de functionele rollen van verpleegkundigen. Dit vergroot enerzijds het bewustzijn op de afdeling en binnen het verpleegkundig team. Anderzijds bevordert het de deelname van nursing assistants binnen het team en optimaliseert dit het effect van hun handelingen.

 

Meer wetenschappelijk onderzoek

 

[1] Saiki, M, Takemura, Y, Kunie, K. Nursing assistants’ desired roles, perceptions of nurses’ expectations and effect on team participation: A cross-sectional study. J Nurs Manag. 2021; 00: 1-8.

[2] Saiki, M, Kunie, K, Takemura Y, Takehara, K, Ichikawa, N. Relationship between nurses’ perceptions of nursing assistant roles and information-sharing behaviors: A cross-sectional study. Nurs Health Sci. 2020; 22: 706-713.